De SER is tripartiet samengesteld: er zitten drie groeperingen in. Samen vormen zij een afspiegeling van sociaal-economisch Nederland.
Werknemers en ondernemers zijn via hun centrale organisaties vertegenwoordigd. De zetelverdeling is afhankelijk van de grootte van de organisaties. Zij staan samen in de SER voor het praktisch economisch leven, oftewel het bedrijfsleven.
De derde groepering, de kroonleden, vertegenwoordigt het algemeen belang. Zij zijn door de regering (kroon) benoemde onafhankelijke deskundigen.
De raad telt in totaal 33 leden: elf ondernemersleden, elf werknemersleden en elf kroonleden. Ieder lid heeft een plaatsvervanger.
Van elke groepering zitten vier leden in het dagelijks bestuur.
Ondernemers
Drie centrale ondernemersorganisaties zijn vertegenwoordigd in de SER:
- VNO-NCW (7 zetels)
- MKB-Nederland (3 zetels)
- LTO-Nederland (1 zetel)
Werknemers
Drie vakcentrales zijn vertegenwoordigd in de SER:
- FNV (8 zetels)
- CNV (2 zetels)
- MHP (1 zetel)
Kroonleden
De kroonleden in de SER zijn onafhankelijke deskundigen.
Zij zijn veelal hoogleraar op economisch, financieel, juridisch of sociaal terrein. In de kroonledengeleding zitten ook vertegenwoordigers van De Nederlandsche Bank en het Centraal Planbureau.
Kroonleden worden op voordracht van het kabinet door de koningin (kroon) benoemd, maar hoeven aan de regering geen verantwoording af te leggen. Bij hun benoeming houdt men er rekening mee dat de verschillende vakgebieden in de SER evenredig vertegenwoordigd zijn. Er wordt verder gelet op de politieke stromingen in ons parlement. De regering benoemt een van de kroonleden tot voorzitter, op advies van de raad.