Home | Sectorplannen | Bijeenkomsten en spreekbeurten | Verslag Voorlichtingsbijeenkomsten

Verslag voorlichtingsbijeenkomsten over derde tranche sectorplannen

Intersectorale mobiliteit centraal in derde tranche sectorplannen

Na twee tranches waarin sectorplannen vooral per sector of regio zijn toegekend, is de derde en laatste tranche van de Regeling cofinanciering sectorplannen anders ingericht. Het accent is verlegd naar intersectorale mobiliteit, met dit keer als ‘extraatje’ de brug-WW.
Voor de derde tranche is 150 miljoen euro beschikbaar aan subsidiegelden. Het is volgens SZW wel zaak om niet al te lang te wachten met het indienen van de aanvraag; de tranche sluit namelijk als het geld op is (uiterlijk op 29 mei 2015).

De veranderingen in de regeling behoeven enige uitleg. Vandaar dat in aanloop naar de openstelling van de tranche op 15 januari 2015 het Actieteam crisisbestrijding, het ministerie van SZW en UWV het land zijn ingetrokken om de regeling te lichten. De bijeenkomst in Den Bosch was op 2 december 2014, in Den Haag, speciaal voor adviseurs, 9 december 2014 en 11 december 2014 stopte de voorlichtingskaravaan in Zwolle. Er is nog een voorlichtingsbijeenkomst gepland: 13 januari 2015 in Den Haag.
Hieronder volgt een verslag van de bijeenkomst te Zwolle waar ruim veertig belangstellenden een korte presentatie kregen van wat de regeling tot nu toe heeft opgeleverd en de ins en outs van de nieuwe maatregelen toegelicht kregen.

Achtergrond

Op basis van het Sociaal Akkoord van april 2013 hebben de sociale partners en het kabinet afspraken gemaakt over de in augustus 2013 uitgeroepen Regeling cofinanciering sectorplannen. In totaal 600 miljoen euro komt beschikbaar om te dienen als cofinanciering – maximaal 50% - voor de in te dienen sectorplannen. Twee jaar krijgen sectoren en regio’s de mogelijkheid om maatregelen te nemen die hun problemen op de arbeidsmarkt (mede) zullen oplossen.
Tot nu toe zijn in de eerste twee tranches 74 sectorplannen goedgekeurd. Mans Vulto, lid van het Actieteam Crisisbestrijding, liet in zijn welkomstwoord zien wat voor soort maatregelen in de sectorplannen zijn genomen. Tot slot zei hij: “Er is nu een omslag in de arbeidsmarkt te zien. We kunnen met behulp van sectorplannen de lijn omhoog doorzetten”.

Transitie

In de eerste twee tranches hebben volgens Dorien de Graaf van SZW vooral sectoren gezocht naar goede oplossingen. “Inmiddels is bijna voor iedere sector een sectorplan opgesteld. De transitie van sector naar sector is de volgende stap. In deze derde tranche willen we een verbinding tussen sectoren maken. Die kan namelijk beter en wij denken dat we met de sectorplannen een instrument hebben om de arbeidsmarkt soepeler te laten lopen.”
De nieuwe maatregelen in de regeling maken het volgens De Graaf zowel voor bedrijven als voor gemeenten en provincies makkelijker om aan de regeling mee te doen. Een andere vernieuwing is dat de garantstelling is veranderd: het wordt mogelijk dat slechts één partij garant staat. Het ministerie verwacht dat daarmee een groot obstakel wordt weggenomen.

De vernieuwingen roepen bij de bezoekers in Zwolle de nodige vragen op. Een deelnemer vraagt waarom een werknemer zich alleen kan laten om- of bijscholen voor een andere werkgever. Hierop antwoordt De Graaf: “Het hoofddoel van deze tranche is het bevorderen van de (inter)sectorale mobiliteit. Het moet in deze regeling dus altijd om mobiliteit naar een andere werkgever draaien.” Ook zijn er vragen over hoe de nieuwe regeling zich verhoudt tot andere regelingen zoals de Participatiewet of de Quotumregeling. En of deze regelingen te combineren zijn. Haar antwoord hierop luidt dat slimme combinaties altijd mogelijk zijn maar dat het nog steeds niet mogelijk is om voor één kandidaat uit verschillende potjes geld te krijgen.

Brug-WW

Een nieuw instrument in de derde tranche is de brug-WW. SZW heeft besloten dat de brug-WW alleen via een sectorplan kan worden ingezet. Met dit instrument wordt een brug geslagen tussen de WW-periode naar werk. Centraal staat de vraag of de werkzoekende voor het krijgen van een nieuwe baan geschoold moet worden. Om in aanmerking te komen voor de brug-WW moet daarom in een sectorplan vermeld worden welk soort scholing nodig is om het geduide arbeidsmarktknelpunt op te lossen.
Ook in de derde tranche moet voor een sectorplan een arbeidsmarktanalyse worden gemaakt waar de knelpunten in worden benoemd. “De brug-WW is extraatje op de sectorplannen”, licht Paul van Kruining van het Actieteam crisisbestrijding toe.

Andere aanpak

Voor de nieuwe tranche is andere informatie nodig, zo blijkt uit de presentatie van Kees van Uitert van UWV. “Het gaat nu om van-werk-naar-werk-trajecten of om van-niet-werk-naar-werk-trajecten. Dat vergt een andere aanpak.” Bij UWV hebben ze daarom voor een maatwerkaanpak gekozen. UWV actualiseert het overzicht met kansrijke beroepen en overschotberoepen. Op basis van deze analyse kan maatwerk worden ingezet. UWV zegt toe voor een 20 tot 25 sectoren instroom- en plaatsingsperspectieven te willen geven. “Ik hoop dat dit leidt tot een vernieuwend arbeidsmarktbeleid”, zei Van Uitert.

Arianne van der Meer van EU-advice laat tijdens de voorlichtingsbijeenkomst zien hoe een regio het zoeken naar kansrijke sectoren voor zijn werkzoekenden kan vergemakkelijken. Zij is actief betrokken bij de opzet en uitwerking hiervan in de regio Holland Rijnland. Als tips geeft zij mee om aansluiting te zoeken bij een bestaand plan en om nauwe samenwerkingsverbanden aan te gaan. Een ambassadeursnetwerk van ondernemers kan bijvoorbeeld zeer waardevol zijn.

Vakmensen behouden

Hoe waardevol zo’n netwerk kan zijn, blijkt op de Veluwe. Bij B&C Raamdecoratie, een interieurbedrijf dat zeer afhankelijk is van de verkoop van huizen voor zijn afzet, dreigt na drie slechte jaren ontslag voor een aantal voornamelijk vrouwelijke productiemedewerkers. “We hadden deze dames natuurlijk kunnen uitstoten naar de WW maar zo zitten wij niet in elkaar. Het gaat hier om een mismatch op de arbeidsmarkt”, vertelde Henk de Vos van dit bedrijf.
Hij is in plaats daarvan naar het mobiliteitscentrum Veluweportaal gestapt. Samen met Ingeborg Lups van het mobiliteitscentrum heeft hij gekeken of zijn medewerksters een nieuwe toekomst in de zorg of elders kunnen krijgen. Met de mobiliteitsvouchers uit het sectorplan is het gelukt om enkele medewerkers te herplaatsen. De Vos: “Voor vijf mensen van ons bedrijf is een nieuwe werkgever gevonden. Wij vinden dat we elkaar moeten helpen maar ik moet wel zeggen dat het een heel lange adem vergt.”
Lups: “De arbeidsmarkt verandert enorm. Het netwerk wordt steeds belangrijker. Het gaat erom dat je elkaar kent en vertrouwt maar ook dat er inzicht is in in- en uitstroomprofielen. In de autobranche is er bijvoorbeeld een piek op het moment van de wisseling van winter- en zomerbanden terwijl in dezelfde periode sprake is van een dal in de horeca. Mogelijk lukt het ons daar een match van te maken. Op deze wijze kunnen we vakmensen in deze regio behouden.”