Dag 20: Hoe de crisis een industrie hervormt

13 maart 2015

 
Sectorplan houtindustrie

Dick Teerling: “Die blauwe stofjas is er niet meer.”


De stereotype timmerman met zijn blauwe stofjas en het rode tekenpotlood achter een oor is niet meer onder ons. Het zijn hightech engineering professionals die ons hout bewerken en onze omgeving met het meest duurzame natuurlijke bouwmateriaal vorm geven. En daar heeft de crisis een belangrijke rol in gespeeld. “2008 was een ongelooflijk topjaar voor onze branche”, steekt Dick Teerling (Stichting Sociaal en Werkgelegenheidsfonds Timmerindustrie, SSWT) van wal. “En wij hadden net een onderzoek uitgevoerd waaruit bleek dat er zwaar weer op komst was. Die slechte boodschap hebben we in een roadshow langs de bedrijven gebracht.” Van de 13.500 werknemers in dat jaar, waren er begin 2014 nog 7.400 over.

“Wij hebben toen in 2008 meteen oplossingen gezocht. Het FNV speelde daarbij een sleutelrol. Met begeleiding en scholing voor boventallige werknemers om in een andere sector aan de slag te gaan. In de crisis moesten bedrijven overleven en de loonkosten werden te hoog. Wij hebben toen ook een flex-pool ingericht, een soort uitzendbureau. Onze branche kent pieken en dalen in de productie, dus met die flex-pool konden deze pieken en dalen worden opgevangen. Tegelijkertijd hebben de bedrijven de processen bekeken en met technologische innovatie aangepast. De werknemer die vijf jaar geleden uit het vak ging, zou nu terug komen in een ander bedrijf.” Dick Teerling is wat innovatieve ontwikkelingen vooral te spreken over het Quick Response Manufacturing. “Daarmee kan de doorlooptijd van de productie binnen zes weken met 75% verkort worden.”          

Barsten van de orders maar geen krediet van de bank

Maar makkelijk was het allemaal niet in de afgelopen jaren. “Ik heb hier meerdere keren werkgevers in tranen aan de tafel gehad. Met pijn in het hart moesten ze werknemers ontslaan. En sommige werknemers zijn we wel vier keer tegengekomen bij het begeleiden van faillissementen. Die gingen elke keer over naar een ander bedrijf dat vervolgens in de problemen kwam.” SSWT is nog lang niet klaar met dergelijke ingrijpende processen. “Gisteren nog had ik contact met een bedrijf dat werkelijk barst van de orders maar geen krediet meer krijgt van de bank. Die gaat nu failliet, terwijl dit niet nodig is. Of als een bedrijf opeens te horen krijgt van de bank dat ze een risicobedrijf zijn geworden en het krediet wordt opgezegd. En tegenwoordig blijken de banken ook opeens de rente voor financieringen fors te verhogen, terwijl de bedrijven het stervensdruk hebben. Het is bikkelhard.”

De uitdaging voor de timmerindustrie is volgens Teerling om het beeld van de sector bij te stellen. “Mensen moeten weten wat wij te bieden hebben. Die blauwe stofjas is er niet meer. We zijn een procesindustrie geworden met hightech engineering en co-makership met architecten.” Volgens Teerling biedt zijn sector dan ook volop kansen. “We zijn bijvoorbeeld als branche aan de slag met TNO en de NAM voor het aardbevingsbestendig bouwen. In Japan zijn met houtskeletbouw goede resultaten geboekt en uit onze eerste proeven lijkt onze houtskeletbouw ook aardbevingen te doorstaan. Dit biedt de industrie een goede kans in de toekomst.” De sector heeft ook de opleidingen en scholing een nieuwe draai gegeven. “We willen het gat tussen mbo en de praktijk dichten door meer praktijkopleidingen aan te bieden bij onze samenwerkingsverbanden. We zetten ook een nieuwe branchekwalificatie op waarmee werknemers – jong en oud - modulair hun certificaten en diploma’s kunnen verzamelen.”

“Jongens die niet willen leren maar in een vak aan de slag willen, worden door hun decaan overgehaald om toch verder te gaan op school. En die jongens lopen vast, komen na de opleiding terecht bij de bouwmarkt of supermarkt. En als ze 18 worden, staan ze op straat want dan zijn ze te duur. Met hulp van het sectorplan zoeken wij die jongens op. Onze consulenten bezoeken letterlijk de bouwmarkten en supermarkten om ze te vinden en te interesseren voor ons vak. De consulenten gaan ook de boer op bij bedrijven om vacatures te verzamelen. Uiteindelijk willen we 212 BBL-plekken vullen. We hebben nu 150 vacatures en sinds oktober 2014 zijn er 70 gevuld. Voor de zomer willen we alle vacatures gevuld hebben.” Het Sectorplan Timmerindustrie draagt hier aan bij met een loonkostensubsidie.  

Ambassadeurs van het sectorplan

Met een Sectorplan Startseminar in januari van dit jaar werden de verschillende mogelijkheden die het plan biedt, gepresenteerd aan bedrijven. Teerling: “Daarbij hebben tien mensen, die meegeholpen hebben met de vormgeving van het plan, ieder een pitch gedaan. Dat zijn ook de mensen uit de praktijk, met ruime ervaring en een netwerk in de sector, echte ambassadeurs van het sectorplan.” De stemming lijkt er goed in te zitten maar nu nog de resultaten natuurlijk. “Ik zie aankomen dat de rol van werkgevers gaat veranderen ten opzichte van de werknemers. Het gaat om aantrekkelijk te zijn en te blijven. We zien herstel en groei, maar ook vergrijzing en een tekort aan nieuwe aanwas. Tot 2018 moeten we 2.900 nieuwe medewerkers zien te werven.”

En daarvoor moeten timmerlui aandacht besteden aan het imago en jongeren interesseren voor het werken met hout. Voor Teerling zelf begon de liefde voor hout met grote schepen die in de haven van Delfzijl ladingen boomstammen uit Scandinavië afleverden. En later – toen hij op de grote vaart zat – verscheepte hij zelf ladingen boomstammen uit de Congo. Diezelfde snaar bij jongeren probeert hij ook te raken met moderne middelen. “Later dit jaar houden wij een grote publiekscampagne, met advertenties, billboards en een tv-commercial. Daarin laten we zien dat hout overal om ons heen is en wat de industrie aan capaciteiten heeft als het gaat om bijvoorbeeld duurzaam en energiezuinig bouwen. Hout is en blijft emotie, je ziet bijvoorbeeld ook dat de meeste mensen die een houtbedrijf binnen komen het hout altijd aanraken.”



 

Actieteam crisisbestrijding
Seger Pijnenburg
Seger Pijnenburg