Stakeholders maken afspraken over EVC-stelsel
Met een set afspraken heeft de Stichting van de Arbeid samen met aanbieders, toezichthouder en beoordelende organisaties een basis gelegd voor het in stand houden en verder ontwikkelen van het EVC-stelsel.
Sociale partners vinden EVC een waardevol instrument voor de arbeidsmarkt en beschouwen het als een belangrijk onderdeel van het valideringsstelsel. Nadat het door de overheid en sociale partners gesloten convenant EVC per 1 januari 2023 was beëindigd, hebben partijen die betrokken zijn bij de uitvoering van het EVC-stelsel de wens uitgesproken in een gezamenlijk document afspraken te maken over het functioneren ervan. De Stichting van de Arbeid heeft daartoe in nauwe samenwerking met de EVC-aanbieders, het Nationaal Kenniscentrum EVC en de beoordelende organisaties Testudo en Hobéon een aantal afspraken opgesteld. Partijen leggen hiermee vast welke rol en verantwoordelijkheid zij hebben en welke taken daaruit voortvloeien. Doel is het in stand houden en verder ontwikkelen van een goed functionerend EVC-stelsel.
Na verloop van twee jaar constateert de Stichting van de Arbeid dat partijen binnen het EVC-stelsel verantwoordelijkheid hebben genomen voor het stelsel, onder andere met de ondertekening van het Akkoord van Veenendaal (december 2024) door EVC-aanbieders. Deze ontwikkeling heeft ertoe geleid dat de Stichting van de Arbeid nog slechts de rol heeft van vertegenwoordiging van de belangen van werkgevers en werknemers die EVC gebruiken. In een brief aan EVC-stakeholders d.d. 17 december 2025 is de rol en verantwoordelijkheid van de Stichting toegelichtLees hier de afspraken tussen stakeholders.