Conferentie Van werk naar werk: lessen voor de toekomst

15 april 2015, 13.30 - 17.00 uur, CitySense Utrecht

Conferentie: Sectorplannen hulp bij brug naar nieuw werk

Van Werk naar werk is het belangrijkste thema in de derde tranche van de sectorplannen. Nog tot 29 mei 2015 kunnen sectorplannen worden ingediend die zich specifiek richten op het aan werk helpen van werkenden en werkzoekenden. Voor het Actieteam crisisbestrijding reden om op woensdag 15 april 2015 in Utrecht een conferentie te houden waarbij de praktijk rondom Van werk naar werk-trajecten (VWNW) de centraal staat.

Conferentie Van werk naar werk: lessen voor de toekomst / Marjan Oudeman“Het is makkelijker om een baan vanuit een baan te vinden”, zo opent Marjan Oudeman, voorzitter van het Actieteam, de conferentie. Zij benadrukt dat Van-werk-naar-werk-trajecten een belangrijk instrument zijn om de arbeidsmarkt gezond te houden. “Maar het vergt wel iets van zowel werkgever als werknemer. Een werkgever moet de werknemer tijdig ruimte geven om dit traject te doorlopen, terwijl de werknemer ook de handen uit de mouwen dient te steken. Bovendien is het belangrijk dat een traject zorgvuldig wordt doorlopen. Zorgvuldigheid kost tijd maar als er aandacht voor het individu blijft, is de kans van slagen op de lange termijn het grootst.”

Preventie

Conferentie Van werk naar werk: lessen voor de toekomst / Nicolette van GestelVan-werk-naar-werktrajecten met een cofinancieringsregeling zijn niet helemaal nieuw, zo blijkt uit een kort college van Nicolette van Gestel, hoogleraar nieuwe bestuursmodellen en sociale zekerheid op de arbeidsmarkt aan de Universiteit van Tilburg. Van Gestel concludeert dat binnen het sociale zekerheidsstelsel weinig aan preventie wordt gedaan. “Het zit niet echt in ons DNA om al tijdig na te denken over maatregelen. Preventie is weinig ontwikkeld en het levert vaak ook weerstand op.”

In 2010 was zij betrokken bij een experiment met cofinanciering. Daaruit is gebleken dat de persoonlijke aanpak belangrijk is als factor voor succes. Ook betrokkenheid van sociale partners maakt het makkelijker om resultaten te boeken. Een andere conclusie is dat de cofinanciering een belangrijke rol speelt bij het slagen van dit soort experimenten. “Deze trajecten bieden kansen voor de sociale partners om zich op een andere wijze te profileren en zo hun toegevoegde waarde neer te zetten. Maar dan moet de focus wel op preventie liggen en niet op inkomen.” 

Transitievergoeding en brug-WW

Conferentie Van werk naar werk: lessen voor de toekomst / Lien CornelissenDe nieuwe Wet werk en zekerheid die op 1 juli 2015 ingaat, heeft een aantal prikkels om Van-werk-naar-werk-trajecten te bevorderen, vertelt Lien Cornelissen van het ministerie van SZW. “Werknemers moeten liefst op tijd klaar zijn voor nieuw werk. Deze blik op de toekomst is zowel voor een werkgever als werknemer essentieel. Ga dus op tijd met elkaar in gesprek en zoek uit welke maatregelen uit de wet én de sectorplannen hierbij kunnen helpen.”

De Wet werk en zekerheid draait om het bevorderen van de doorstroming van flex naar vast werk en het investeren in elkaar. In de wet is mede daarom geregeld dat kosten voor onder andere outplacement- of scholingstrajecten onder voorwaarden in mindering kunnen worden gebracht op de transitievergoeding die werkgevers vanaf 1 juli aanstaande verplicht zijn te betalen bij ontslag.

Conferentie Van werk naar werk: lessen voor de toekomst / Marco van DalHaar collega, Marco van Dal, legt uit dat de nieuwe wet regelt, door onder meer de herintroductie van de dagloongarantie, dat werken (weer) altijd lonend is. “Werknemers die na een Van-werk-naar-werk-traject een lager betaalde baan accepteren, krijgen als zij toch onverhoopt werkloos worden WW op het niveau van hun vorige baan”.

Nieuw in de derde tranche van de Regeling cofinanciering sectorplannen is dat werkgevers een beroep kunnen doen op de zogeheten Brug-WW. Dit is een tijdelijk instrument, specifiek gemaakt voor de sectorplannen. Werkgevers kunnen brug-WW aanvragen voor de uren dat de nieuwe werknemers, die aangenomen zijn als gevolg van de sectorplannen, scholing volgen. Werknemers hebben geen sollicitatieverplichting. De brug-WW betekent volgens Van Dal inkomenszekerheid voor beide partijen om de brug naar nieuw werk te nemen.

Ervaringsdeskundigen

Conferentie Van werk naar werk: lessen voor de toekomstNa een kort intermezzo waarbij dagvoorzitter Rogier Elshout in een hoedje-op-hoedje-af-quiz de kennis van de zaal over de inmiddels afgesloten sectorplannen test, is het de beurt aan de ervaringsdeskundigen.

Bij arbeidsmobiliteitscentrum ACE wordt met een netwerkaanpak gewerkt. Dit netwerk, dat voornamelijk uit HR-mensen van bedrijven bestaat, werkt intersectoraal en is volgens Jaap Jongejan vooral een leernetwerk. Hij doet een oproep voor een mentaliteitsverandering. “Geef ruimte aan experimenten. We denken nu te veel vanuit vandaag. Het gaat mij om de arbeidsmarkt van morgen. We moeten veel tijd steken in anders denken in combinatie met anders doen. Dat is interessant voor alle partijen.”

De grafische sector heeft sinds 2009 mobiliteitsbureau C3 werkt!. De crisis heeft de grafische sector zeer hard getroffen. Vele faillissementen en reorganisaties waren het gevolg. Sander Vastbinder zegt hierover: “De eerste twee jaar hebben we voornamelijk mensen in outplacementtrajecten geholpen maar sinds 2011 zijn we zelf trajecten gaan opzetten. Dat werkt veel beter. Wij kennen de sector en hebben het netwerk”. Inmiddels heeft C3 werkt! 3000 kandidaten begeleid waarbij vooral de gemiddelde hoge leeftijd opvalt. “Ons plaatsingsresultaat over de jaren 2011 tot en met 2014 bedraagt 75 procent. Dat is vrij hoog. Het succes is vooral te danken aan ons netwerk, het draagvlak en de samenwerking met de sociale partners. We spreken de taal van de sector. Verder werken wij met een regionale sectorale aanpak, maar beschikken we wel over een landelijk netwerk.” 

Robin Colard van Linxx, dat onder andere mobiliteitsinitiatieven in de agrarische sector heeft opgezet, merkt dat er weinig wordt nagedacht over de volgende stap die een werknemer gaat nemen. “Niemand werkt meer bij één baas voor het leven en toch zit iedereen heel erg vast in zijn huidige positie. Ik constateer dat mobiliteit op organisatieniveau niet gewoon is”. Hij pleit voor een andere focus. “Het moet niet alleen meer gaan om de poppetjes optellen. Het uitgangspunt moet zijn hoe we de arbeidsmarkt kunnen versterken en in hoeverre projecten zoals deze daar een bijdrage aan leveren.